Mirjana's Writings

dagelijkse hectiek door de ogen van een vrouw, moeder & social worker.

Tag: kind

Lappenmand

Altijd vervelend, ziek zijn. Nu ben ik regelmatig verkouden, maar dat valt niet onder de noemer ziek zijn. Ziek zijn is koorts hebben, spugen of je dusdanig beroerd voelen dat je in je bed wilt blijven liggen. Twee weken na Milan’s geboorte had ik een keelontsteking. Nog nooit eerder gehad en geen idee hoe ik eraan kwam. Mijn hemel wat deed dat pijn, hoe kwam ik hier zo snel mogelijk vanaf? Ik vond keelontsteking altijd zo’n overdreven fenomeen. Nu ik het heb ervaren zal ik plechtig beloven dit nooit meer te vinden.

Ik weet echt niet wat pijnlijker is, een bevalling of een keelontsteking. Laat ik om te beginnen zeggen dat ik wat betreft pijn geen zeurkous ben. Ik kan best wat hebben. Die bevalling was pijnlijk en heftig, maar die keelontsteking… Tranen-over-de-wangen-lopen-pijn. Niet kunnen slikken, dus niet drinken en eten, maar wel een hongerige baby voeden. Het enige voordeel was dat ik in 4 dagen tijd 3,5 kilo kwijt was. Ook kon ik amper praten van de pijn.

Laat praten nu net één van mijn hobby’s zijn. Ik merkte toen pas hoe vaak en veel ik normaal gesproken praat. Om Lynn iets te vragen of zeggen. Om mijn katten in het gareel te houden. Om Milan te troosten of om gewoon lekker met mijn lief te praten. Na een kuur nam de pijn af, maar ruim een week was ik volledig uit het veld geslagen. Irritant vooral omdat ik zo afhankelijk was van mijn lief en omdat ik me niet goed voelde.sick Lees de rest van dit artikel »

Nekkenbrekers en andere speelgoedproblematiek

In ieder gezin met kinderen liggen ze op de loer, de nekkenbrekers. Het speelgoed dat, ondanks het dagelijkse opruimwerk, rondgeslingerd door het huis verspreid ligt. Dat ons huis met de komst van Lynn in een speelgoedwalhalla veranderde was even slikken. Net als het feit dat opruimen een kansloze missie lijkt te zijn. Ruim je één stuk speelgoed op, komen er twee tevoorschijn. Ik heb daarnaast een gave om speelgoed op te willen ruimen waar Lynn dan net mee wilde gaan spelen. Of zij heeft de gave te willen spelen met het speelgoed dat ik dreig op te gaan ruimen.

Dat speelgoed dat is een blijvend en groeiend probleem in ons huis. Want dat het rondslingert is een probleem, maar dat er steeds meer speelgoed bij komt is een nog groter probleem gezien ons huis niet meegroeit met de toename van de hoeveelheid speelgoed. Mijn lief heeft laatst een goede poging gedaan de hoeveelheid in huis in te perken. Met de komst van Milan verhuisde Lynn enkele weken geleden naar haar nieuwe roze, met de nadruk op roze, kamer. Met deze verschuiving ging mijn lief met de bezem door het speelgoed. Een aantal boxen gevuld met knuffels en ander speelgoed waar Lynn nauwelijks mee speelt werden afgevoerd. Weliswaar naar de box beneden, maar het is een begin.

Het voordeel van de nieuwe kamer is de grootte ervan. We hadden een hoop spullen in de woonkamer staan. Boxen speelgoed, het keukentje, een tafeltje met stoeltjes, een tekenbord en ga zo maar door. Nu staat alleen het tekenbord er nog en is de rest verkast naar de nieuwe kamer van Lynn. Heerlijk, minder rotzooi in de woonkamer, althans dat dacht ik. Want ze sleept met hetzelfde gemak de gehele keuken vanuit haar kamer terug naar de woonkamer. Net als de loopfiets, pop en het poppenbed.

clean-house-wasted-coaster

Wel is het handig als je kamers in kunt lopen zonder je nek te breken 🙂

Lees de rest van dit artikel »

Gelukkig weet je wat het wordt!

Het geslacht van de baby is doorgaans een hot item als je zwanger bent. Men vroeg toen ik nog in een pril stadium zat of we ‘het’ wilden weten. En toen ik eenmaal de 20 weken gepasseerd was werd vooral gevraagd of we wisten wat het zou worden. Hoe vaak de vraag ‘En wat wordt het?’ voorbij is gekomen durf ik niet te zeggen, maar wel echt heeeel vaak. Dat geslacht is echt een ‘dingetje’ geworden. En zowel bij Lynn als bij Milan wisten we het niet. Een gesprekje gaat dan ongeveer zo:

Ik:          Hoi

GP         (gesprekspartner): Hé, zwanger hoorde/zie ik?

Ik:          Ja zwanger.

GP:        En, weten jullie wat het wordt?/Willen jullie weten wat het wordt?

Ik:          Nee, dat wisten we bij Lynn ook niet, blijft het mooi een verrassing.

GP:        O………. (bijna ongemakkelijke stilte) nou dat hoor je ook niet vaak he?

Ik:          Nee?

GP:       Nee want iedereen weet toch wat het wordt. Is ook handig met kopen van kleding en inrichten van de kamer enz.

Ik:         O, nou Lynn had een gele kamer en voor deze baby hebben we een grijze kamer.

GP:       Ja…..(weer zo’n stilte) dat kan natuurlijk ook. Maar ben je dan niet nieuwsgierig? Ik zou het niet kunnen hoor. En Lynn dan? Dat is voor haar toch goed om te weten?

Ik:          Natuurlijk ben ik nieuwsgierig, maar ik vind het vooral interessant dat de baby gezond is. Tegenwoordig is alles altijd bekend en te achterhalen. Wat in mijn groeit is dus een verrassing, het heeft zelfs wel iets magisch.

GP:       (Kijkt met totale verbijstering, alsof ik zojuist beweerde dat ik een goede zangeres ben of zei dat er wel degelijk ruimtewezens bestaan). Ja, heel bijzonder ja.

Ik:           Met de baby zelf is overigens alles goed hoor. Nou leuk je gezien te hebben.

GP:        Ja, dat is natuurlijk het belangrijkste hè. Nou we horen het wel als de baby er is.

Ik heb bovenstaand gesprek wekelijks gevoerd tijdens mijn zwangerschap van Milan. Mensen totaal gefocust op het geslacht. Een logischer item lijkt mij de gezondheid van de baby, want dat alles goed gaat is zeker niet vanzelfsprekend. Maar dat geslacht, dat is belangrijk om te weten. Misschien ligt het aan mijn dwarsigheid, maar ik vond het juist leuk om het niet te weten. De verrassing was des te groter bij zowel Lynn als Milan. En het maakte mij oprecht helemaal niets uit. Je hebt mensen met een voorkeur, ik had dat helemaal niet. Mijn lief ook niet.front

Lees de rest van dit artikel »

De fiets

De fiets, het pronkstuk van Nederland, een eeuwenoud vervoersmiddel. Fietsen is iets wat ik vroeger, zo’n 16 jaar geleden, elke dag deed. Van huis naar school en weer terug. Pakweg 30 minuten fietsen heen en ook weer terug. Met een beetje onmazzel had ik twee keer wind tegen, want hij draaide altijd. Als ik wind mee had, draaide de wind overigens nooit. Zo’n gegeven dat wetenschappelijk nog nooit bewezen is, maar ik ben ervan overtuigd dat mijn dubbele-wind-tegen-theorie klopt.

Met een hele club fietste ik naar school, dus de tijd vloog voorbij en het was altijd gezellig. We hebben wat valpartijen meegemaakt omdat we net te dicht op elkaar fietsten of het glad was van de ijzel. Dit leverde enorme lachbuien op en briefjes halen bij mevrouw Rijkelijkhuizen omdat we dan te laat waren op school. Toen ik 16 jaar werd kreeg ik een scooter. Een Yamaha Neos, een blauwe. Vanaf dat moment werd mijn fiets minder interessant. Ik scooterde overal naartoe. Met 18 jaar werd dit de auto. Ik bleef mijn scooter nog veel gebruiken want ik had geen eigen auto dus was afhankelijk van mijn ouders.

Op mijn 19e verjaardag kreeg ik een kanariegele Fiat Cinquecento. Hier heb ik heel wat kilometers in gereden. Ik sjeesde er overal mee naartoe. Zelfs een keer naar Duitsland voor een weekend weg van mijn studie Duits toentertijd en een weekendje naar Maastricht met een vriendin. Ik reed eigenlijk altijd auto. Ik had wel een fiets maar die werd gestolen. Bij mijn tweede huis werd mijn Cinquecentootje verruild voor een Ford Ka. Hier heb ik tot een maand geleden met veel plezier in gereden. Toen ik verhuisde naar de binnenstad van Haarlem leek mij een fiets wel weer op zijn plaats. Ik kon de fiets alleen niet binnen stallen, dus ook die werd gejat. Net als fiets twee die ik er neerzette.

Lees de rest van dit artikel »

Het DUPLO-kind

Het DUPLO-kind. Tot afgelopen maandag had ik hier nog nooit van gehoord. Nee, het is geen kind gemaakt van DUPLO. Ook is het geen poppetje van de DUPLO-serie. Mijn eigen kind is een DUPLO-kind. We waren namelijk bij het consultatiebureau. Het was alweer drie maanden geleden, dus tijd voor een APK. Lynn is anderhalf en moet nu van alles kunnen. De wijkverpleegkundige vertelde allerlei testjes te willen doen om te zien hoe het met de motoriek van Lynn gesteld was. Zolang ze niet teveel van die van mij heeft meegekregen zit dat wel goed denk ik.

Lynn keek, zoals ze altijd doet, eerst de kat uit de boom. Of Lynn nog ziek was geweest, was een vraag. Ik meldde dat ze nu enorm verkouden is. Ze krijgt aan alle kanten (hoek)tanden door. Ze sliep de afgelopen dagen niet heel goed. Ze heeft in de afgelopen drie maanden nog eens een paar dagen koorts gehad, maar gelukkig geen ernstige griep. De wijkverpleegkundige knikt vriendelijk en zegt dat we dan vandaag wel zullen zien wat er wel en niet lukt.

Hoe is het gesteld met de woorden die Lynn zegt, was vraag twee. Kon ze buiten mama, papa en dierengeluiden al drie woorden zeggen? Nou dat lukt haar wel. Ze zegt ‘ja’, ‘op’ en ‘kaas’. Niet gek voor een anderhalf-jarige zou je zeggen. Hebben we de afgelopen weken geoefend op ‘woef’ en ‘waf’, tellen dierengeluiden niet mee. ‘Voof’ en ‘Oofan’ tellen ook niet mee gezien niet iedereen meteen zal snappen dat het om een vogel en olifant gaat.  Maar ze kwebbelt een slag in de rondte, dus dat komt wel goed. Tip was wel de speen in bed te houden zodat ze haar woorden goed kan uitspreken, zonder speen in haar mond. Als ze hem alleen nodig heeft bij het slapen. Prima plan dacht ik zo.

Lees de rest van dit artikel »

Niet zwanger!

Er is zo’n ongeschreven regel en die gaat als volgt. Als je niet, ik herhaal NIET, zeker weet of iemand zwanger is vraag je het niet. Je wacht rustig af of iemand hier later zelf mee op de proppen komt of niet. Als dit het geval blijkt te zijn, dan heb je toch maar mooi mazzel dat je het niet gevraagd hebt. Deze regel leerde ik al vrij jong van mijn moeder die ooit zo’n ervaring had als vrager aan iemand die niet zwanger was en wilde voorkomen dat ik dit een ander aan zou doen. Maar ik spreek uit ervaring als ik zeg dat men tegenwoordig deze regel niet meer zo goed kent. Sterker nog, hij lijkt niet meer te bestaan.

Het begon een maand terug bij de voetbalclub van mijn lief. Ik stond daar nietsvermoedend met Lynn een bal te gooien. Ik gooide en Lynn liep erachteraan om hem te pakken. Vraagt er vanuit het niets iemand die ik amper ken of ik soms in verwachting ben van mijn tweede. Uhm nee, stamelde ik zwaar overdonderd door deze vraag. O, het leek net zo zei deze mevrouw die er zelf uitzag alsof op het punt stond te moeten bevallen van een drieling. Ik hechtte er niet te veel waarde, al blijft zo vraag enorm gênant vind ik. De vrouw in kwestie is een beetje apart dus hiermee praatte ik het voor mezelf goed.

Ruim twee weken geleden was het echter weer raak. Ik kwam toevallig de tante van mijn vriendin tegen in de supermarkt. Omdat ik met Lynn liep te ploeteren en het bloedheet had maakte ik mijn jas los. Voor haar blijkbaar het teken om te vragen of ze goed zag dat ik zwanger was van mijn tweede. Wederom was ‘uhm nee’ mijn antwoord. Hierop begon de uitleg waarom ze dacht dat dit wel zo was. Ik had een wijd shirt aan, ze kon het niet zo goed zien enzovoorts. Vraag het dan dus niet was de regel toch? Wat is daarmee gebeurd, met die regel? Lees de rest van dit artikel »

Boeken van de bieb

De bibliotheek bezoek ik regelmatig sinds Lynn boeken leuk vindt. Ik ben eigenlijk altijd al gek geweest van de bibliotheek, simpelweg omdat ik gek ben op boeken en vooral als er wanden en kasten vol van zijn. Dan ben je bij de bieb natuurlijk aan het goede adres. Ik had vroeger zelf ook een lidmaatschap. Maar toen ik op mijzelf ging wonen, bijna tien jaar geleden, verhuisde ik van woonplaats en nam ik geen nieuw abonnement. Dit was overigens nog in het tijdperk dat je informatie voor werkstukken en spreekbeurten alleen in boeken bij de bieb kon vinden. Internet was er, toen ik op basisschool zat, nog niet. Op de middelbare school begon dat pas echt.

Dat ik nooit een abonnement heb genomen toen ik naar Haarlem verhuisde had tal van redenen. Ik ging studeren dus had geen tijd om ‘ontspannen’ boeken te lezen. Of dit nu met studeren te maken had of juist met het studieontwijkende stapgedrag weet ik niet precies meer. Alle boeken die ik nodig had voor mijn studie hadden ze niet bij de bibliotheek dus daar hoefde ik het niet voor te doen. En natuurlijk kostenbesparende redenen om goed rond te kunnen komen van mijn studiefinanciering en mijn bijbaan. Ik zie net dat een lidmaatschap voor een jaar €37,- kost, dus ook weer niet de grootste kostenpost.

Maar voor Lynn is de bieb gratis totdat ze 18 wordt. En zolang ik er invloed op kan uitoefenen, zal ik dat zeker doen. Lezen is leuk en opvoedkundig buitengewoon verantwoord. Lynn vindt uiteraard Nijntje erg leuk. Maar ze is ook dol op de boekjes met dieren en voorwerpen waar stukjes vacht of rubber in zitten zodat ze het ook kan voelen. Als we vragen de poes of hond aan te wijzen kan ze dat prima. Ze wrijft dan ook altijd hevig over het stukje stof dat op de poes of hond zit. Lekker zacht. Maar de biebboeken moeten natuurlijk na drie weken ook weer terug. En dat is altijd even stressen.

Lees de rest van dit artikel »

Care for Children

Complete chaos, huis weg, familie kwijt, misschien wel overleden, geen voedsel en drinken, niets anders dan puin en ellende. Dat is wat er in de Filipijnen aan de hand is. En mijn hemel wat is dat een drama! Ik kan mij er werkelijk helemaal niets bij voorstellen. Alles kwijt. Geen thuis, geen basis, geen eten en drinken. Helemaal niets meer. Totaal afhankelijk zijn van anderen en de hulpdiensten die op gang moeten komen. Hoe overleeft een mens dat? Wat doe je dan? Behalve zoeken naar mogelijk overlevenden in al het puin en je familie. Struinen door het puin op zoek naar voedsel. Er zijn na anderhalve week nog altijd mensen die niet bereikt zijn door de hulptroepen.

Deze mensen hebben te maken met zaken waar ik hoogstwaarschijnlijk in mijn hele leven niet mee te maken zal krijgen. Wij hebben in Nederland geen verwoestende supertyfoon. Hooguit een storm van windkracht 10. De rillingen lopen over mijn rug als ik denk aan het natuurgeweld waar deze mensen mee te maken hebben gehad. Gebouwen, bomen, auto’s, alles wat los en vast zit, zien verdwijnen in een tyfoon. Doodeng lijkt het mij. Complete dorpen weggevaagd door één enkele storm. De ravage is enorm.

In deze fotoreportage is de schade te zien vanuit de lucht. Voor en na foto’s. Om bang van te worden. Onvoorstelbaar, alles verwoest. De fotoreportage van kinderen is hartverscheurend. Kinderen die niets meer hebben. Geen huis, geen familie, geen voedsel. Een foto van een meisje in paniek raakt me recht in het hart. De paniek, het verdriet, de onmacht, alsof ik het kan voelen. Tranen biggelen over mijn wangen, wat hebben wij het toch ongelooflijk goed, want hoe moet dat nu met al die kleine kwetsbare kinderen? Hoe kunnen ze die nu allemaal helpen, voor ze zorgen en ze liefde geven? Het lijkt een onmogelijke taak. Lees de rest van dit artikel »

%d bloggers liken dit: