Ik-weiger-te-lopen-fase

door Mirjaan

Madame wandelt, de gehele dag wel te verstaan. In huis rent ze zich een slag in de rondte, letterlijk. Want je kan onze woonkamer aan twee kanten binnenlopen. Regelmatig ren ik haar achterna of zit Lynn juist achter mij aan. Eindeloze energie heeft ze als het gaat om lopen. Binnen is dat redelijk veilig. Ze remt wel eens wat laat af waardoor ze een tafel, bank, stoel of verwarming raakt. Maar dan roepen wij heel hard ‘boem’ en schiet ze negen van de tien keer in de lach.

Buiten lopen en rennen is weer een heel ander verhaal. Liep mevrouw eerst nog vrolijk buiten rond te stampen, weigerde ze van de week haar voeten op de grond te zetten. In eerste instantie zag het er natuurlijk dolkomisch uit, als een klein aapje haar benen om mij heen geklemd toen ik haar dreigde neer te zetten.  Dan maar tillen dacht ik. Pas bij de brug, om vanaf daar de eendjes en zwanen brood te geven, stond ze op de grond. Maar op de terugweg weigerde ze wederom zelf te lopen.

Het is toch wat, dacht ik. Nu kan ze lopen, en best stevig ook, doet ze het niet. Ook toen ik boodschappen deed wilde ze niet lopen. Normaal gesproken neem ik de wagen mee als noodmiddel. Als Lynn dan echt niet meer kan, dan gaat ze lekker in de wagen. Tillen is leuk, maar het lijkt net alsof ze lood in haar billen heeft als je haar langer dan twee minuten in je handen hebt. De laatste keer hield ik er zelf net geen verzakte rug aan over toen Lynn te moe was om te lopen. 

De stoere gympen die ze van haar tante kreeg.

Maar ik had van de week de rollen omgedraaid. Niet dat Lynn mij moest tillen natuurlijk. Maar in plaats van zelf naar de winkels lopen en terug in de wagen, begon ze in de wagen. Dit zorgde aan twee kanten voor iets meer ontspanning. Als ik namelijk de supermarkt in wandel en Lynn loopt zelf, dan kan je er donder op zeggen dat ze in een mum van tijd allerlei schappen leeg loopt te plukken. In de kinderwagen kan ze er niet bij. Ook hoef ik geen strijd aan te gaan om haar voordat we de winkel betreden de kinderwagen in te krijgen. Daar zat ze al in.

In de supermarkt zelf laat ik haar dan wel altijd iets vasthouden. Of ik koop een zak krentenbollen of kaasstengels en dan hoor ik mevrouw ook een minuut of vijf niet. Als we dan de winkel uit gaan, haal ik haar meestal uit de kinderwagen en kan ze het laatste stuk naar huis lopen. Al wilde ze dit dus ook niet meer. Alleen de trap op naar onze voordeur. Buiten dat deed ze aan algehele wandelonthouding. Tot ik haar van de week keurig liet staan bij onze voordeur.

Lynn komt altijd heel lief aanlopen met haar jas. Ze doet dan zelf haar sjaal om en wijst hevig naar de voordeur. Ze ondersteunt dit door een keer of tien ‘die’ te zeggen. Als ik dan vraag of ze naar buiten wil, zegt ze altijd vol overgave ‘ja’. Maar als je naar buiten wil als anderhalf jarige, mag je zelf wel lopen als je dat kan. Toen ik haar liet staan, zette ze het eerst op een huilen. Maar toen ze in de gaten had dat ik haar echt niet ging optillen, besloot ze toch zelf maar stappen te ondernemen, letterlijk en figuurlijk.

Het tijdperk tillen lijkt nu voor het grootste deel over te zijn. Zo’n welbekende fase die vanzelf weer overgaat. Ze liep zelfstandig door het park. Wel bijna de sloot in toen ze eendjes wilde voeren. Dat je brood ook kan gooien in plaats van in de mond van de eend stoppen was nog niet helemaal duidelijk. Maar dat lopen zat er goed in. Ik ben benieuwd hoe lang ze het volhoudt. Ze wordt wel steeds sneller, dus het is oppassen geblazen. Gelukkig vindt ze handje vasthouden nog leuk, dus dat maakt het makkelijker. Ik ben benieuwd hoe dat moet als ze daar niets meer aan vindt.